Voorschoten, Wassenaar, Rijnsburg, Valkenburg en Zoeterwoude

02 03 04 05 06 07 00

Voeding voor de baby

 

Ga je de baby fles of borst geven, is een vraag die je vaak gesteld gaat krijgen in de zwangerschap, daarom vinden wij het belangrijk om je objectieve informatie te geven over borst- en flesvoeding zodat je een goede geïnformeerde keuze kunt maken over welke voeding je wilt gaan geven aan de baby. Jouw voedingskeuze wordt altijd gerespecteerd en je krijgt daarbij de hulp die je nodig hebt.  Rond 16 weken zwangerschap gaan wij het voor het eerst hebben over de keuze. Je hoeft dan nog geen definitieve beslissing te nemen. Later in de zwangerschap komen wij hierop terug.

Hieronder lees je meer over de praktische zaken rondom de voeding van de baby in de eerste week na de bevalling. 

 

Algemene adviezen

De eerste 24 uur na de bevalling

We streven ernaar je hierbij binnen het uur na de bevalling te helpen met de eerste voeding aan de borst. De baby is dan goed wakker en alert om aan de borst te drinken. Tijdens dit eerste moment is het heel normaal als je nog geen melk in je borsten hebt. Bij eerste kindjes heeft het lichaam vaak 2-3 dagen nodig om de melk om gang te brengen. Bij volgende kinderen duurt dit vaak minimaal één dag.

 

Voor je baby is het niet erg dat er nog geen melk is. De natuur heeft hier rekening mee gehouden en zo heeft de baby voor ongeveer de eerste 24 uur genoeg reserves meegekregen vanuit de placenta. Om toch de melkproductie goed op gang te brengen en je kindje te laten wennen aan de borst en zelf te oefenen met aanleggen adviseren we je om je kindje elke drie uur aan te leggen. Ook ’s nachts adviseren we elke drie uur aan te leggen omdat er juist ’s nachts een piek is in het prolactine hormoon wat de borstvoeding aanmaakt. Om te weten wanneer je het beste kan aanleggen is het belangrijk de hongersignalen van je baby te herkennen.

 

De meeste kindjes melden zich zelf voor een voeding. In de eerste 24 uur zal je zien dat je vaak een kindje wakker moet maken. Je kindje moet nog bijkomen van de bevalling en zal na de eerste voeding, die meestal binnen het uur na de geboorte is gegeven waarin je kindje heel alert en wakker is, in slaap vallen. Het is voor dan goed als je je kindje vijf uur door laat slapen. Na die vijf uur adviseren we je kindje wakker te maken om te voeden. Na het eerste slaapje van vijf uur, adviseren we elke drie uur voeding te geven. Vooral bij het geven van borstvoeding is het belangrijk om ’s nachts aan te leggen. ’s Nachts is er namelijk een piek in het prolactine hormoon, dit is het hormoon wat ervoor zorgt dat je borstvoeding aanmaakt. Door dit ’s nachts te stimuleren komt de productie van melk beter op gang. Elke druppel voeding die een baby binnenkrijgt is van belang. Een baby heeft op de eerste dag dat hij of zij geboren is maar een maag waar 10ml voeding in past. Met een druppel borstvoeding kan de maag dus al voor een groot deel gevuld zijn. Wel is het belangrijk om de borsten de kans te geven de melk aan te maken door de baby steeds aan te leggen. De maaginhoud van de baby groeit met ongeveer 10cc per dag dat hij of zij oud is. De borstvoeding zal in de loop van de dagen dan ook toenemen met een piekmoment op dag 2-3. Daarna zal er zoveel melk gemaakt worden als het kindje nodig heeft. Dit noemen we vraag-aanbod.

 

Bijvoeden

Mocht je kindje ook na de eerste 24 uur nog niet willen drinken kijken we een keer mee met de voeding en geven we tips over hoe we dit op kunnen lossen. Het is normaal dat kindjes in de eerste dagen na de bevalling afvallen. Dit gebeurt bij elke baby.

Bij baby’s die de borst krijgen, kijken we dan ook of het aanbod van de borstvoeding voldoende is voor de behoefte van de baby. Omdat de baby reserves heeft meegekregen vanuit de baarmoeder, hoeft er vaak niet gestart te worden met bijvoeding/flesvoeding voordat de borstvoeding op gang is. Pas als je kindje meer dan 7% van het geboortegewicht is afgevallen, is er een medische reden om te gaan bijvoeden. Bijvoeden besluiten we altijd in overleg met jullie als ouders. Vaak adviseren we te starten met kolven om zo de borstvoeding te stimuleren. Op die manier is er vaak geen kunstvoeding nodig. Mocht bijvoeden nodig zijn, dan bespreken we dit uiteraard met je in het kraambed.

 

Hongersignalen

Als een kindje honger heeft zal hij of zij vaak zichzelf melden. Je baby laat dit vaak merken door zijn of haar mondje te openen, de tong naar buiten te steken en/of smakende geluiden te maken. Daarbij kan het kindje ook op de handjes gaan zuigen. Huilen is het meest duidelijke signaal dat je baby honger heeft. Maar dit zorgt bij een baby voor veel onrust en kan er ook voor zorgen dat de baby te onrustig is om goed te drinken. Probeer dus al eerder op voedingssignalen van de baby te reageren door hem of haar aan de borst te leggen. We noemen dit voeden op verzoek. Hierbij kijk je naar je baby en welke signalen hij of zij afgeeft en aan de hand daarvan bied je een voeding aan.

 

Een baby wil bij voeden op verzoek vaak 8-12x per 24 uur drinken. Soms is dit zelfs meer, vooral bij borst gevoede baby’s, omdat de baby de melkproductie op gang wil brengen en zich dus vaker meldt. Mocht je baby zich minder dan 8x in 24 uur melden, maak je baby dan zelf elke 3uur wakker. Als je baby in de loop van de kraamweek weer in gewicht gaat toenemen en overdag goed drinkt, mag je hem of haar ’s nachts weer vijf uur door laten slapen.

 

Rooming-in

Om goed op de hongersignalen van de baby te kunnen reageren, adviseren we om zoveel mogelijk met je kindje in één ruimte te zijn. Zo vang je de kleinste geluidjes op en kan je voor de baby gaat huilen hem of haar voeding aan kan bieden. We adviseren dan ook om ’s nachts de baby bij jou op de kamer te laten slapen. Als net bevallen vrouw word je, door hormonen, van veel kleine geluidjes al wakker. Je lichaam heeft dit zo gemaakt zodat je ook van de eerste hongersignalen van je baby wakker wordt en je gelijk kan voeden. Ondanks dat het belangrijk is dat je met je kindje op 1 kamer slaapt, adviseren we wel dat je kindje in een eigen bedje naast het bed slaapt. Op deze manier kan je je baby goed zien maar is er ook een veilige slaapomgeving voor de baby.

 

Huid-op-huid contact

Een kindje is vanuit de baarmoeder gewend zich geborgen en warm te voelen en jouw hartslag te horen. Een wiegje kan daarom bij kindje voor onrust zorgen. Jouw hartslag en warmte wordt gemist. Om dit op te vullen adviseren we om veel huid-op-huid contact met je baby te hebben. Een mooi moment hiervoor is tijdens het voeden. Maar ook daarbuiten is het fijn voor jou of je partner om de baby dichtbij je te hebben en op deze manier een band op te bouwen.

 

Ga je de baby fles of borst geven, is een vraag die je vaak gesteld gaat krijgen in de zwangerschap, daarom vinden wij het belangrijk om je objectieve informatie te geven over borst- en flesvoeding zodat je een goede geinformeerde keuze kunt maken over welke voeding je wilt gaan geven aan de baby. Jouw voedingskeuze wordt altijd gerespecteerd en je krijgt daarbij de hulp die je nodig hebt.  Rond 16 weken zwangerschap gaan wij het voor het eerst hebben over de keuze. Je hoeft dan nog geen definitieve beslissing te nemen. Later in de zwangerschap komen wij hierop terug.

 

Borstvoeding

Borstvoeding geeft je baby een goede start. Het bevordert een gezonde groei en ontwikkeling van de baby en heeft positieve gevolgen voor de gezondheid van moeder en kind. 

In de borstvoeding zijn antistoffen opgenomen die de immuniteit van je baby verbeteren tegen bacteriën en allergieën. Ook op latere leeftijd hebben kinderen die borstvoeding hebben gekregen nog minder kans op het krijgen van allergieën, hart- en vaatziekten en suikerziekten. Daarnaast wordt de samenstelling van de voeding aangepast op de leeftijd van je baby en heb je de voeding altijd bij je op de juiste temperatuur. Het geven van borstvoeding is een mooi vast moment om huid-op-huid-contact te hebben met je baby. Dit huid-op-huid-contact is goed voor de hechting tussen jou en de baby.

Voor vrouwen heeft het geven van borstvoeding ook enkele voordelen. Zo ervaren vrouwen die borstvoeding geven, na de bevalling vaak sneller terug te zijn op hun oude gewicht. Daarbij is gebleken dat vrouwen die borstvoeding hebben gegeven op latere leeftijd minder kans hebben om borstkanker te ontwikkelen.

 

Fopspeen gebruik bij borstvoeding

Kindjes hebben van nature een zuigbehoeften. Bijna altijd betekend zuigbehoeften dat je kindje behoeften heeft om aan de borst te drinken omdat hij of zij honger heeft. Soms wordt de zuigbehoeften bevredigd met een fopspeen of de pink. Het gebruik van een fopspeen of een pink wordt echt om verschillende redenen afgeraden als een baby borstvoeding krijgt. Bij het gebruik van een fopspeen of pink wordt de zuigbehoeften bevredigd en drinkt het kindje minder vaak, minder krachtig en korter aan de borst waardoor hij of zij niet genoeg melk binnenkrijgt.

 

Daarbij werkt je lichaam zo dat telkens als je kindje aan de borst drinkt, je lichaam een signaal krijgt om de melkproductie op peil te houden. Als je kindje in plaats van aan de borst, aan een fopspeen of pink sabbelt krijgen je borsten dit signaal niet wat er op termijn voor kan zorgen dat de melkproductie terugloopt of zelf onvoldoende wordt.

 

Daarnaast wordt het gebruik van een fopspeen of pink afraden omdat daarvoor een andere zuigtechniek word gebruikt door je kindje. Als je kindje met die zuigtechniek aan de borst gaat drinken kan dit ervoor zorgen dat hij of zij onvoldoende melk binnenkrijgt. Daarbij kan een verkeerde drinktechniek ertoe leiden dat je last krijgt van tepelkloven of gevoelige tepels. Je kindje kan uiteindelijk gefrustreerd raken dat er te weinig voeding komt en de borst hierdoor weigeren.

 

Het zuigen op een vinger of een pink kan voor een kindje veel energie kosten. De energie die verloren gaat met het zuigen op een fopspeen of pink kan ervoor zorgen dat je kindje te moe is om daadwerkelijk goed aan de borst te drinken, waardoor hij of zij uiteindelijk te weinig voeding binnen krijgt. Daarbij kan je hongersignalen van een kindje minder goed herkennen als hij of zij een fopspeen in heeft. Als laatste raden we het gebruik van een fopspeen af omdat deze vies kan zijn en het risico op het krijgen spruw voor je kindje vergroot is.

 

Na het kraambed

Na ongeveer tien dagen sluiten wij, als verloskundigenpraktijk, het kraambed af. De zorg voor jou en je baby wordt dan overgedragen aan het consultatiebureau en de huisarts. Mocht je na die tijd nog vragen hebben over de borstvoeding zijn hiervoor verschillende adressen waar je contact mee kan opnemen.

Op de onderstaande websites kan je veel betrouwbare informatie vinden omtrent borstvoeding. Mocht geen van die informatie je vragen beantwoorden, kan je deze natuurlijk altijd nog telefonisch aan ons stellen.

 

Daarnaast zijn er enkele deskundigen op het gebied van borstvoeding; lactatiekundige genoemd. In de omgeving zijn er twee lactatiekundige die je goed kunnen bijstaan als er vragen of problemen zijn rond om de borstvoeding tijdens en na het kraambed.

 

Flesvoeding

Als je flesvoeding gaat geven zorg dan dat je voeding in huis hebt tegen de tijd dat je gaat bevallen. Het merk van de voeding maakt niet uit want in Nederland is in de wet vastgelegd wat er in zuigelingenvoeding moet zitten. Iedere standaard voeding voor zuigelingen van 0-6 maanden voldoet. Andere soorten voeding zoals voeding voor hongerige baby's, baby's met krampjes of hypoallergene voeding is meestal niet nodig. Mocht je het idee hebben dat dit wel nodig is overleg dan na de geboorte met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). 

 

De eerste flesjes

Het eerste flesje hoeft maar 10ml voeding te bevatten. De maag van de baby is niet groter dan 10ml en bij meer voeding is de kans groter dat het kindje wat gaat overgeven of dat de maag oprekt wat de kans op overgewicht op latere leeftijd vergroot.

De maag groeit elke dag ongeveer met 10ml. De voeding mag dan ook elke 24uur met 10ml opgehoogd worden. Let hierbij wel op de signalen die je kindje geeft. Mocht je die dag elke fles 20cc volgens het schema hebben aangeboden en je kindje is aan het einde van de dag nog tevreden met 20cc is dit ook goed. Mocht je al eerder op de dag het idee hebben dat je kindje na een fles niet tevreden is, overleg dan met je kraamverzorgster of je misschien 10cc meer kan aanbieden.

Als je hebt opgehoogd blijf dan een aantal voedingen op de nieuwe hoeveelheid om te voorkomen dat je de maag van je baby te snel laat groeien.

 

Responsief voeden met de fles

Een onderdeel van voeden op verzoek is ook het responsief voeden met de fles. Responsief voeden houd in dat je ook tijdens de voeding met je kindje in contact blijft of hij of zij genoeg heeft gehad. En er daarbij op let welke signalen je kindje afgeeft.

 

Als je een flesje geeft, ga er dan goed voor zitten Let daarbij op je eigen houding dat je goed rechtop en comfortabel zit. Een gemiddelde voeding duurt 20minuten dus het is fijn als je dan een gedurende die tijd een goede positie hebt.

Je kindje heeft van nature een hapreflex. Die kan uitgelokt worden door de speen tussen het neusje en de bovenlip te laten voelen. Hierdoor zal de baby zijn mond opendoen. Pas als de baby zelf zijn mond opendoet, kan je de speen in de mond doen. Als je niet wacht op dit reflex kan je ervoor zorgen dat de baby zich verslikt omdat de melk te snel komt.

Houd tijdens het voeden de fles horizontaal. Je kantelt de fles daarna zo dat het puntje van de speen – inclusief het gaatje- net gevuld is met melk. Als de fles leger raakt, kantel je de fles iets meer.

 

De baby zal ook tijdens het voeden aangeven hoe hij of zij gevoed wil worden. Om dit te kunnen doen is het belangrijk dat de armpjes en handje van de baby vrij zijn en goed gebruikt kunnen worden. Als de baby tijdens het voeden stress ervaart zal hij of zij dit laten zien door de vingers en tenen te spreiden, melk uit de mond te laten lopen, het hoofd weg te draaien, gefronste wenkbrauwen te hebben, bijgeluiden bij het slikken te maken of de fles weg te duwen. Als je dit ziet bij je kindje, mag je de speen in de mond laten maar kantel je de fles op zo’n manier dat er even geen melk in de speen zit. Je kindje zal dan stoppen met zuigen. Doordat je de speen in de mond laat, zal je kindje op een gegeven moment, als hij of zij weer wil drinken, opnieuw gaan zuigen. Dan kan je de fles weer kantelen zodat er melk in de speen komt.

 

Wanneer de baby signalen vertoont dat hij of zij klaar is met drinken (wegdraaien van hoofd, wegduwen van fles etc.), dan is dit het moment is om te stoppen met voeden, of de fles nu leeg is of niet.

 

De speen van een fles heeft veel invloed op het drinkgedrag van je baby. Een goede speen heeft een brede basis waarbij je kindje goed de lippen om de hele speen kan krullen. De lengte van het puntje tot de brede basis is ongeveer anderhalf vingerkootje lang. Daarbij is het zo dat het gaatje in de speen de stroomsnelheid bepaalt. Kijk hiervoor niet naar de leeftijdsaanduiding, maar naar hoelang je kind over de voeding doet. Streef naar ongeveer 20 minuten. Als een voeding korter dan 20 minuten duurt houdt een kind zuigbehoeften na een voeding. Om dit te voorkomen is het dan goed om elke 20 slokken de fles even zo te kantelen dat er geen melk in de speen zit en de baby dus pauze heeft.

 

Mamacafe

"Moeder worden en moeder zijn is een groot avontuur, maar kan ook een grote zoektocht zijn. Als moeder heb je vaak allerlei vragen over (borst)voeding, slapen, hechting, combinatie moederschap en werken, spelen met je baby, ander eten, etcetera. Bij het Mamacafe kun je terecht met deze vragen en gehoor vinden bij andere moeders of bij een deskundige. Dit kan jou meer vertrouwen en plezier in het moederschap geven." - Mamacafe Leiden

 

Er is elke maand in Leiden een Mamacafe. Deze is opgezet door de Cooperatie van verloskundigen Leiden e.o. (LEO) en o.a. het Centrum voor Jeugd en Gezin. Data en meer informatie is te vinden op de website van Mamacafe Leiden.

 

Naast het Mamacafe in Leiden zijn er ook bijeenkomsten in Voorschoten en Katwijk. Zie voor meer informatie Mamacafe Voorschoten en een Mamacafe Katwijk